26-11-05

Er is nog hoop!

Er is nog hoop!

 

Tussen de 20ste en het einde van de maand is mijn leven altijd nog iets hectischer dan anders. De hete adem van de deadlines blaast dan in mijn nek. Meer en meer uitgevers schaffen de vaste kosten van een eigen redactioneel team af en besteden de hele ‘content’ van hun blad uit aan zelfstandige redactiebureaus, zoals het persagentschap waar ik de dagelijkse leiding over heb. Tien jaar geleden keken alle, zich ‘echt’ noemende, journalisten daarop neer; vandaag staan ze aan te schuiven om bij ons te mogen werken. En daar zijn gróte namen bij! Tijden kunnen veranderen.

 

Druk dus. Neem nu vorige donderdag. ’s Morgensvroeg meteen de strijd aangaan met drie mailboxen en twee telefoonlijnen. Om 10 uur productievergadering om een editie af te sluiten, zien of alles in orde is en tijdig rond komt, eventueel bijsturen op ’t laatste moment en indien nodig brandjes blussen. Onder de middag, snel post doornemen, lunch overslaan. Om half twee de trein naar Antwerpen. Op de trein, lay-outproeven beoordelen. Tegen 15 uur afspraak met een nieuwe medewerker in het cafetaria van het Centraal Station, een prachtige zaal vol marmer en bladgoud en een imposante klok. Bovendien, vriendelijke bediening van lekkere koffie aan een redelijke prijs. Honderd meter verder op de de Keyserlei kost die koffie het dubbele en wordt hij door als kelner vermomde snobs naar je hoofd gekwakt. Om 18 uur afspraak met de hoofdredacteur van AN AchterhetNieuws om een stukje te eten en ondertussen de laatste stand van zaken te bespreken, om 19 uur redactievergadering in het Internationaal Perscentrum Vlaanderen, om iets voor 23 uur de laatste trein terug, nog even op kantoor binnen en om 01 uur onder de dons.

 

Vrijdag zag er al niet beter uit. Eigenlijk waren er drie vergaderingen tegelijk en enkele mensen zaten aan me te trekken om toch nog voor het weekend even af te spreken. Ik had gelukkig een goed excuus om me aan dit alles te onttrekken, want al meer dan een maand voordien stond er in mijn agenda een supermegabelangrijke afspraak genoteerd, waarvoor al het andere moet wijken: grootouderdag in de kleuterschool van mijn oudste kleindochter!

 

Het is halftien, vrijdagochtend. De parochiezaal van Schriek loopt vol. Ook daar staan lekkere koffie en chocolade zeevruchtjes klaar. Ik vraag me alleen af waarom dit feest in het teken van ‘175 jaar België’ staat met tricolore ballonnetjes, tricolore vlaggetjes en slingers en, nog erger, met een openingsceremonie op de tonen van de Brabançonne.

 

Zelfs in Schriek en in Grootlo zou men toch moeten weten dat dit land al 25 jaar gefederalizeerd is, dat het ontstaan van een Vlaamse Gemeenschap meer bloed, tranen, slachtoffers en nog elke dag enorme kapitalen heeft gekost dan de Brabantse Omwenteling in 1830, en vooral... dat ‘onderwijs’ door die Vlaamse Gemeenschap beheerd wordt en niet meer tot de federale bevoegdheden behoort.

 

Hopelijk heeft de Koning Boudewijnstichting, of een andere anti-Vlaamse stimulator, dit feest gul gesponsord zodat er met dat geld ook in de Zuiderkempen nuttige dingen kunnen gedaan worden voor de kinderen van die schooltjes. Maar ik maak me geen illusies.

 

Toen ging het doek op. Tweemaal drie kleuterklasjes die anderhalf uur lang een professioneel spektakel opvoerden. Nauwelijks tien leerkrachten, die meer dan twee maanden lang het onderste uit zichzelf geperst hadden om tot dit resultaat te komen. Ideeën, scènebeeld, muzikale begeleiding, kostumering, belichting, randafwerking... Ik heb met open mond toegekeken.

 

Ik weet dat het niet eerlijk is, wat ik nu schrijf. Want ik gooi hier, ophokplicht of niet, met gulle hand pluimen naar de leerkrachten van een bepaald dorpsschooltje, terwijl er wellicht honderden dorpsschooltjes in Vlaanderen zijn waar de leerkrachten met beperkte middelen maar met een onbegrensde inventiviteit en een tomeloze inzet en idealisme precies hetzelfde doen. Maar dààr heb ik geen kleindochter in een klasje zitten, die op zo’n feest de show kan stelen. Laat in elk geval dit stukje een hommage zijn aan alle kleuterjuffen en kleutermeesters die niet willen geloven dat onze maatschappij naar de verdoemenis gaat en daarom elke dag opnieuw het tegendeel daarvan bewijzen.

 

Achteraf ga je er toch ook een beetje over nadenken. Als journalist kijk je voortdurend aan tegen de rauwe realiteit, tegen kuiperijen en machinaties, je wordt achterdochtig op het paranoïde af, je verlaat familiefeestjes wanneer de actualiteit je roept, je gaat voor je vak dat je niet ‘beoefent’ maar ‘leeft’. Sommigen doen dat ten koste van hun relatie, of ze geraken aan de drank, of ze krijgen een hartaanval voor ze op 52 jaar kunnen gedumpt worden wegens te duur en te onbuigzaam. Journalistiek is een heerlijke hondenstiel. Maar ook een ongeneeslijke ziekte die het altijd van je wint, tenzij je er tijdig uitstapt. Je emoties geraken afgestompt, vertedering heb je vervangen door cynisme. Televisie zendt aanslagen, ontploffingen, bombardementen of verkrachtingen uit op het ogenblik dat ze plaatshebben. De reporter is geen ‘verslaggever’ meer, de kijker is getuige geworden.

 

En dan zit je op een voormiddag onder de kerktoren van Schriek temidden van een kleuterschool. Daar is dan geen tv-ploeg aanwezig. Waarom niet eigenlijk? Ik bedoel dan niet ‘Man bijt hond’ of een ander programma dat mensen tegen de grenzen van het belachelijke aanduwt. Neen, ik bedoel Het Nieuws of Ter Zake! Want dít is het echte leven! Dit is... morgen!

 

Doe zo voort, Meester Patrick en je hele ploeg. Doe zo voort, Meesters en Juffen overal in Vlaanderen. Er is nog hoop.


15:17 Gepost door Luc van Balberghe | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

Commentaren

Kinderen Een mooie tekst, beste Luc. Wij zouden met zijn allen, een beetje méér naar onze kinderen en kleinkinderen moeten kijken . Misschien leren we nog iets van die kleine en grote kleuters, zoals verdraagzaamheid, bijvoorbeeld. Af en toe zou ik wensen om zelf nog eens kind te kunnen/mogen zijn. Ik leef op hoop. Ooit komt het misschien nog goed,waneer ik dement word. En dan, dan zal ik, zonder te moeten blozen, tegen de ganse wereld mogen zeggen: mensen, wat hou ik van jullie! Wanneer ik dan het antwoord krijg, dat ik zot ben,dan hoef ik ze zelfs geen ongelijk te geven. Per slot van rekening, zullen ze dan wel een beetje gelijk hebben, nietwaar?

Groeten,
Eddy

Gepost door: Eddy | 28-11-05

afgestompte emoties heb met veel interesse dit vertederende stukje tekst gelezen. Misschien even mijn blogje doorlezen, dan lees je tussen de regels ook wel eens dat tussen die hummels kinderen zitten die er al een harde leerschool opzitten hebben en misschien mag daar ook eens bij stilgestaan worden...'t gaat dan wel over de mijne en hun harde werkelijkheid, maar ik ben niet de enige...en dan zouden sommige perslui, en ik heb het niet over u persoonlijk, er eens mogen bij stilstaan als ze paginagroot die fantastische Brusselmans uitvergroten die verdorie de dood van zijn hondje Woody niet kan verwerken en op zijn etenspotje zit te staren en gepromoot wordt omdat hij lekker stout durft te schrijven.

Gepost door: kitty | 28-11-05

schoolfeestje Veertien dagen geleden juist hetzelfde meegemaakt met dezelfde bedenkingen. Heerlijk.

Gepost door: Hermans Edgard | 28-11-05

De commentaren zijn gesloten.