22-10-05

De liefdadigheidsindustrie

De liefdadigheidsindustrie

 

Vandaag is officieel de actie 11.11.11 van start gegaan. Dit jaar is het de bedoeling, te werken rond de zgn. ‘Milleniumdoelstellingen van de Verenigde Naties’. In gewone mensentaal: de armoede op de zuidelijke helft van onze planeet wegwerken.

 

11.11.11 staat al jaren voor ontwikkelingshulp en iedereen kent de organisatie. Idealistische jongens en meisjes gaan de deuren langs of staan op braderijen en jaarmarkten om geld in te zamelen voor het goede doel.

 

Maar 11.11.11 is meer dan dat. 11.11.11 is een ‘ngo’. Dat is een niet-gouvernementale organisatie. In gewone mensentaal: een vereniging die, behalve de subsidies dan, niet door de overheid beheerd wordt.

De fanfare ’t Zat Kalf, de duivenbond ‘Koertermaaroplos’ en de toneelvereniging ‘Tot Nut van ’t Algemeen’ zijn evenzogoed ngo’s...

 

Het verschil is, dat een ngo zoals 11.11.11 behoort tot de liefdadigheidsindustrie die superprofessioneel georganiseerd is, maar voor haar fundraising een beroep doet op vrijwilligers.  Het hoofddoel is, zoals bij de meeste op bedrijfsleest geschoeide vzw’s, het voortbestaan van zichzelf.

 

Ze hebben ook alle dezelfde eigenschap. Ze wrijven namelijk met hun rechterhand over je hart, terwijl ze ondertussen met de linkerhand in je portefeuille graaien. Probeer je enige discussie op gang te brengen over hun werking, de besteding van hun gelden, de efficiëntie en het nut ervan, dan krijg je maar een antwoord: “Het is absoluut nodig, want zoals nu is het niet rechtvaardig en wat het geld betreft, ’t kan nooit genoeg zijn”.

 

Al de rest is onbespreekbaar. Wie het toch aandurft, loopt tegen een  brandijzer aan en ziet zich voor de rest van zijn dagen geklasseerd als ‘niet politiek correct’.

 

De uitdrukking ‘het politiek correcte denken’ is in deze tijd synoniem geworden van wat in de jaren zestig van vorige eeuw ‘het communisme’ werd genoemd. Een systeem waar alleen de top zich verrijkte en voor de rest iedereen net kon in leven blijven. Een systeem vooral, dat uiteindelijk wel moest imploderen.

 

Wie vandaag het politiek correcte denken predikt, wil beslist niet de kloof tussen rijk en arm verkleinen. Hij wil alleen de groep armen vergroten en zichzelf verrijken. Om dat te bereiken, zijn de platste leugens en de grofste wandaden goed.

 

Niemand durft vandaag zeggen dat ontwikkelingshulp niet alleen op elk gebied faalt, maar zelfs totaal overbodig is. Al die inspanningen zouden veel beter in de ontwikkelde wereld geïnvesteerd worden, waardoor de derdewereldlanden vanzelf meer kansen zouden krijgen.

 

Eigenlijk gebeurt het ook zo, maar dan ondoordacht. Dacht u echt dat die ontwikkelingsgelden naar de arme negertjes van China gingen? Neen, die worden aan onze industrie gegund en die producten voeren we dan uit. Zo leverden we ooit de volledige inrichting van supermoderne ziekenhuizen met scanners en volautomatische operatietafels erop en eraan, aan donker Afrika. Eén detail: in de brousse is er geen elektriciteit! De apparatuur staat er ondertussen nog te verkommeren, maar de fabrikant deed er een goeie zaak aan.

 

We stuurden tonnen graan naar Oeganda om onze overschotten kwijt te geraken. Daardoor stortten ginds de graanprijzen in. De lokale boeren zagen bijgevolg het nut niet meer in van het jaar daarop nog te zaaien en te oogsten. Toen ontstond er pas écht hongersnood.

 

En dan de globalisering: de Westerse multinationals die het arme Zuiden uitbuiten, waardoor de rijken steeds maar rijker en de armen steeds maar armer worden. Ho, wat klinkt het zielig! Want is dat wel zo?

 

Ik neem de periode van de tweede helft van vorige eeuw. Het bruto nationaal product (BNP) is toen in de Westerse industrielanden gemiddeld met 2,6 % per jaar gesteden. In de Aziatische ontwikkelingslanden was dat 3,2 %, met een uitschieter zelfs in China van 3,8 %! In Zuid-Amerika steeg het BNP met 2,6 %.

Conclusie: elk land gaat er jaarlijks op vooruit, het ene sneller dan het andere.

 

De enige probleemgebieden zijn de Oostbloklanden en Zuid-Afrika. In de eerste is de terugval groot, tot -40 % minder. Maar waarmee vergelijkt men? Met een staatseconomie die alle cijfers vervalste en die geen enkel welstandspeil had. In Zuid-Afrika is het nog schrijnender. Na de Apartheid heeft de echte misdaad er het bewind overgenomen en is de hele maatschappijstructuur in elkaar geklapt. Mandela was een uithangbord van linkse demagogen, geen leider.

 

Deze cijfers vind ik niet uit. Ze komen van de Wereldbank, een instelling die nog altijd iets geloofwaardiger is dan de liefdadigheidsindustrie.

 

Het is een schande dat de media zoveel tijd en ruimte aan 11.11.11  besteden. Het is een nog grotere schande dat er zoveel budgetten aan besteed worden terwijl bij ons de verdoken armoede groeit en groeit.

 

Ik heb het dan niet over de daklozen die in het Brusselse Noordstation hun stek hebben of over de illegalen die afhankelijk zijn van OCMW-steun om een neuscorrectie te laten uitvoeren.

 

Neen, ik heb het over hardwerkende vaders en moeders die nauwelijks hun kinderen netjes gekleed naar school kunnen sturen, over gepensioneerde zelfstandigen die hun laatste eurocent altijd maar in hun zaak geïnvesteerd hebben en niet konden sparen voor hun oude dag, over doodgewone mensen die ondanks ernstige klachten niet naar de dokter gaan omdat ze nadien de medicijnen toch niet kunnen betalen. Ze wonen niet in het zuiden. Ze wonen in uw en mijn straat, ze wonen er wellicht al generaties lang. Meer dan drie generaties...

 

Als straks die jongens en meisjes met de collectebus van 11.11.11 komen aanbellen, moeten we ze niet wegjagen. We moeten ermee in discussie gaan en ze uitleggen dat hun jeugd misbruikt wordt door gewetenloze ngo-bazen – erger dan pedofielen-, dat hun naieve onschuld bespeeld wordt met platte leugens.

 

Maar wellicht zijn ze al te veel gebrainwashed om dat nog te geloven.

In dat geval is er maar één passend antwoord op de vraag:

- 11.11.11?

- Alaaf!



16:12 Gepost door Luc van Balberghe | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.